Een bedrijf is meer waard als de ondernemer niet hoeft te verkopen.

Een gezond bedrijf is niet automatisch een waardevol bedrijf.Een leverancier van dekzeilen voor mestvaalten wilde zijn bedrijf verkopen. Het bedrijf was gezond, maar toch waren er nauwelijks geïnteresseerde kopers.
De ondernemer besloot zijn marktoriëntatie enigszins te verbreden. Dat bleek grote gevolgen te hebben. De kennis en producten die hij al in huis had, konden ook worden ingezet in de biogasindustrie. Zo veranderde hij van leverancier van dekzeilen in een speler in de biogasindustrie.
Daarmee veranderde niet alleen de markt waarin het bedrijf actief was, maar vooral het businessmodel en het perspectief op de onderneming. 
Ineens was er belangstelling en werd het bedrijf voor een aanzienlijk bedrag verkocht.
Het voorbeeld laat zien dat de waarde van een onderneming niet alleen wordt bepaald door omzet en winst. Het businessmodel bepaalt in belangrijke mate de kwaliteit, de continuïteit en daarmee de waarde van een onderneming.

De waarde van een onderneming zit niet alleen in de cijfers

Een onderneming die sterk afhankelijk is van één product, één markt of één belangrijke klantengroep heeft een kwetsbaar businessmodel. In goede tijden kan zo’n onderneming jarenlang uitstekend functioneren. Bij verkoop wordt die kwetsbaarheid echter zichtbaar. Een koper kijkt immers niet alleen naar de historische resultaten. Hij kijkt vooral naar de toekomstige verdiencapaciteit en naar de risico’s die daarbij horen.
Een zogenoemde one trick pony kan daarom winstgevend zijn en toch relatief weinig waarde hebben. Een onderneming met meerdere sterke activiteiten, een brede klantenbasis en onderscheidend vermogen heeft doorgaans een aantrekkelijker profiel.
Daarmee ontstaat een interessante paradox: een ondernemer kan jarenlang succesvol zijn met een eenvoudig businessmodel, terwijl datzelfde businessmodel bij verkoop een belangrijke beperking blijkt te zijn.
Wie waarde wil creëren, moet daarom niet alleen kijken naar wat het bedrijf vandaag verdient, maar ook naar waarom een ander er morgen voor zou willen betalen.

Verkopen omdat het moet of omdat het kan

Een onderneming die sterk afhankelijk is van één product, één markt of één belangrijke klantengroep heeft een kwetsbaar businessmodel. In goede tijden kan zo’n onderneming jarenlang uitstekend functioneren. Bij verkoop wordt die kwetsbaarheid echter zichtbaar. Een koper kijkt immers niet alleen naar de historische resultaten. Hij kijkt vooral naar de toekomstige verdiencapaciteit en naar de risico’s die daarbij horen.
Een zogenoemde one trick pony kan daarom winstgevend zijn en toch relatief weinig waarde hebben. Een onderneming met meerdere sterke activiteiten, een brede klantenbasis en onderscheidend vermogen heeft doorgaans een aantrekkelijker profiel.
Daarmee ontstaat een interessante paradox: een ondernemer kan jarenlang succesvol zijn met een eenvoudig businessmodel, terwijl datzelfde businessmodel bij verkoop een belangrijke beperking blijkt te zijn.

Ook in de tuinbouw

In de tuinbouw zie ik hetzelfde vraagstuk. Onder groothandelaren en kwekers vindt een shake-out plaats. Schaalvergroting, veranderende logistiek, digitalisering en toenemende eisen van klanten maken het steeds moeilijker om als relatief kleine onderneming alle functies efficiënt en zelfstandig te organiseren.
Veel bedrijven beschikken over vakmanschap en een trouwe klantenkring. Dat is waardevol. Maar soms rust het businessmodel uiteindelijk op één kunstje: inkopen, verkopen en een marge realiseren. Zolang de markt meezit, werkt dat uitstekend. Maar wanneer de markt tegenzit, is er weinig om op terug te vallen.
En wanneer de ondernemer na tientallen jaren ondernemerschap besluit te verkopen, kan blijken dat een belangrijk deel van de waarde in werkelijkheid bij de ondernemer zelf zit. De klanten zijn aan hem gewend, zijn kennis is moeilijk overdraagbaar en zijn netwerk is persoonlijk. Dan ontstaat een ongemakkelijke vraag: Hoeveel waarde zit er werkelijk in het bedrijf en hoeveel waarde zit er in de ondernemer?

Kijk verder dan je eigen bedrijf

Misschien zouden ondernemers die vraag vaker moeten stellen. Niet pas wanneer verkoop in beeld komt, maar juist wanneer het bedrijf goed draait.
Waar liggen nieuwe markten? Kunnen we onze dienstverlening uitbreiden? Kunnen we activiteiten combineren? Kunnen we met collegae inkopen, logistiek organiseren of kennis en personeel delen? En vooral: welke activiteiten maken onze onderneming minder afhankelijk van één markt, één product of één persoon? Dat hoeft niet automatisch tot een fusie of overname te leiden. Vaak begint het veel eenvoudiger: met samenwerking.
Daarvoor moeten ondernemers wel bereid zijn om over de grenzen van hun eigen onderneming heen te kijken. Een collega-ondernemer is niet per definitie een concurrent. Hij kan ook een leverancier, samenwerkingspartner of zelfs een bron van nieuwe ideeën zijn.
Juist in een sector waarin veel ondernemers met vergelijkbare vraagstukken te maken hebben, ligt daar een kans.

De waarde van een kop koffie

Ik drink veel kopjes koffie met ondernemers. Niet omdat ik vooraf weet wat de oplossing is, maar omdat een gesprek vaak zichtbaar maakt wat binnen de dagelijkse bedrijfsvoering verborgen blijft.
Waar liggen kansen die nu niet worden benut? Waar kan samenwerking waarde toevoegen? Welke activiteiten kunnen efficiënter? En misschien wel de belangrijkste vraag: hoe zorgen we ervoor dat de onderneming niet alleen vandaag succesvol is, maar ook morgen aantrekkelijk is voor een opvolger of koper?
Een kop koffie verandert een businessmodel niet. Maar een goed gesprek kan wel het begin zijn van een ander perspectief op de onderneming.

En soms is dat precies waar waardecreatie begint.

Tevredenheid is des duivels oorkussen

Wanneer een directie in deze marktomstandigheden zegt tevreden te zijn en even pas op de plaats te maken, is dat zelden een teken van kracht. Vaker is het een signaal van onzekerheid over hoe om te gaan met een snel veranderende markt.

Binnen verschillende sectoren in het MKB, waaronder de tuinbouw- en sierteeltsector, is dit zichtbaar. Markten veranderen door de schaalvergroting van handelshuizen en de toenemende machtspositie van supermarkten. Kwekers schalen af of stoppen, handelaren verdwijnen en zelfstandige detaillisten in heel West-Europa sluiten hun deuren. De sector bevindt zich in een disruptieve fase waarin de spelregels van de keten ingrijpend veranderen. Dat heeft consequenties voor alle partijen. 

Deze grote veranderingen in de markt besprak ik onlangs met een Amerikaanse vriend. Zijn antwoord was kort, lenigheid. Volgens hem ontbreekt dat bij veel organisaties. Een van zijn klanten, CEO van een grote onderneming, verwoordde het als volgt, markten veranderen tegenwoordig sneller dan zijn organisatie zich kan aanpassen. Het bedrijf reageert voortdurend op gebeurtenissen in plaats van erop te anticiperen en loopt daardoor structureel achter de feiten aan.

De vraag is daarom hoe een onderneming voldoende soepel en wendbaar blijft om tijdig op veranderingen in te spelen. De grote veranderingen in markten worden immers door meerdere factoren tegelijk gedreven: technologische ontwikkelingen (van AI tot digitale platforms), economische dynamiek, veranderingen op financiële markten, geopolitieke ontwikkelingen, ecologische eisen, sociale en culturele veranderingen en steeds complexere overheidsmaatregelen in regio’s zoals China, Europa en de Verenigde Staten.

Het vertrekpunt ligt bij een duidelijke visie op de middellange en lange termijn. Ondernemers moeten leren denken in scenario’s om te bepalen hoe zij hun onderneming door een disruptieve periode sturen. Peter Schwartz, bekend van zijn werk bij Shell en auteur van The Art of the Long View, benadrukte dat strategisch leiderschap begint met het systematisch verkennen van mogelijke toekomsten. Scenario-denken gaat niet om het voorspellen van één juiste uitkomst, maar om het verkennen van verschillende plausibele ontwikkelingen. Door alternatieve toekomstbeelden expliciet te maken, ontstaat een strategisch kader waarbinnen organisaties tijdig kunnen anticiperen. In een wereld waarin onzekerheid structureel is, wordt het vermogen om meerdere toekomsten tegelijk te doordenken een kerncompetentie van de onderneming.

De huidige tijd vraagt daarom om ondernemers die zowel vooruitdenken als wendbaar zijn. Ondernemers die begrijpen dat tevredenheid in een periode van snelle verandering een risicovolle houding kan zijn. Uiteindelijk gaat het niet alleen om aanpassing, maar ook om ambitie: de wil om te winnen en om actief vorm te geven aan de toekomstige positie van de onderneming in de keten.

Wie overleeft in de handel van sierteeltproducten?

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) publiceerde recent een rapport over de staat van de markt. In dit rapport wordt de concurrentiedynamiek op sectorniveau geanalyseerd, met specifieke aandacht voor concurrentie-intensiteit, prijsontwikkeling en marktmacht.

De inzichten uit dit rapport zijn te vertalen naar de sector van handelsbedrijven in de sierteelt. Voor deze ondernemingen zijn strategische autonomie, concurrentiekracht en weerbaarheid bepalend voor hun toekomstige positie. Concurrentiekracht en innovatie vormen daarbij essentiële bouwstenen. Markten zijn immers continu in beweging: innovaties en nieuwe businessmodellen doorbreken bestaande marktafbakeningen en leiden tot het ontstaan van nieuwe markten.

In de sierteelt zijn honderden groothandelsbedrijven en exporteurs actief. De ervaring binnen de sector wijst erop dat de marktconcentratie toeneemt, terwijl de bedrijvendynamiek afneemt. Er treden relatief weinig nieuwe ondernemingen toe, terwijl steeds meer bedrijven de markt verlaten. Tegelijkertijd is de Europese sierteelthandel als geheel nog steeds een niet-geconcentreerde markt, gekenmerkt door een groot aantal ondernemingen met relatief kleine marktaandelen.

In dergelijke markten verliezen minder efficiënte ondernemingen structureel marktaandeel aan efficiëntere en innovatievere spelers. Traditionele bedrijfsmodellen komen onder druk te staan, terwijl ondernemingen die investeren in vernieuwing en schaalbaarheid terrein winnen.

Analyse van de financiële kengetallen van grotere handelsbedrijven laat zien dat de mark-up beperkt is. De mark-up – het verschil tussen de prijs van een product of dienst en de marginale kosten – fungeert als indicator voor marktmacht. In sterk concurrerende markten staat deze onder druk, omdat ondernemingen slechts beperkte ruimte hebben om prijzen boven hun marginale kosten te verhogen. Dit beeld wordt bevestigd door de winstelasticiteit, die aangeeft in hoeverre winsten reageren op kostenveranderingen.

Het onderscheid tussen grote en middelgrote bedrijven ligt vooral in de structuur. Grote ondernemingen, opererend als totaalleveranciers, zijn veelal conglomeraten die zijn ontstaan uit samenvoegingen van kleinere bedrijven, zonder dat daar altijd effectieve synergie of structurele marktmacht uit voortvloeit. Zij zijn actief in de gehele keten en bedienen alle afzetkanalen. Zodra deze concerns erin slagen synergie te realiseren en dit te vertalen naar een geïntegreerde bedrijfsvoering met een duidelijke positionering, kunnen marktmacht en marktdominantie het resultaat zijn.

De overeenkomst tussen One Flora Group en het Colombiaanse bedrijf Elite om hun krachten te bundelen kan het segment van grotere handelsbedrijven – de zogenoemde totaalleveranciers – ingrijpend veranderen. Deze combinatie vormt een speler van formaat met daadwerkelijke marktmacht. Beide partijen verbinden zich aan de ambitie om gezamenlijk te bouwen aan een slimme, duurzame en toekomstbestendige bloemenketen.

Een versterking van de positie van grote ondernemingen zal naar verwachting ten koste gaan van middelgrote bedrijven; zij zullen verdwijnen of opgaan in grotere concerns.

Gespecialiseerde bedrijven – nichespecialisten met een duidelijke focus – beschikken binnen hun segment over marktmacht en realiseren solide bedrijfsresultaten. Voorwaarde voor continuïteit is blijvende innovatie. Daarnaast ligt verdere samenwerking voor de hand om synergievoordelen te realiseren, bijvoorbeeld op het gebied van inkoop en marketing. In dit kader is het initiatief Floral Sourcing relevant: twee gespecialiseerde handelaren, gericht op respectievelijk Nederland en Zwitserland, hebben hun inkoopkracht gebundeld in een nieuwe non-profit inkooporganisatie, terwijl zij zelfstandig zijn gebleven. Dit kan worden gezien als een moderne coöperatieve structuur, waarbij het aannemelijk is dat zich in de toekomst meer bedrijven zullen aansluiten.

Kleine handelaren – C&C-bedrijven en lijnrijders – zullen naar verwachting in de komende jaren grotendeels verdwijnen. Dit proces is reeds zichtbaar wanneer eigenaren de pensioengerechtigde leeftijd bereiken zonder opvolging, of wanneer zij worden geconfronteerd met substantiële investeringen in technologie, data-analyse, AI en marketing. Daar komt bij dat het beleid van de veiling niet primair is gericht op het behoud van kleinere handelaren. Het is aannemelijk dat binnen enkele jaren een aanzienlijk deel van deze bedrijven uit de markt verdwijnt of aansluiting zoekt bij gespecialiseerde ondernemingen.

De huidige marktontwikkelingen wijzen erop dat voor de bloemengroothandel een strategisch bepalende periode aanbreekt, waarin herbezinning op het middellange-termijnbeleid noodzakelijk is. Technologie, duurzaamheid en herinrichting van de waardepropositie kunnen daarbij doorslaggevend zijn. Uiteindelijk zal de markt zich herschikken naar volumegerichte totaalleveranciers enerzijds en gespecialiseerde groothandels anderzijds.

De kracht van familiebedrijven

In de wereld van het midden- en kleinbedrijf (MKB) hebben familiebedrijven een aantoonbaar grotere kans op succes. Deze conclusie is niet slechts gebaseerd op mijn eigen praktijkervaring, maar wordt ook onderstreept door recent onderzoek van McKinsey. Wat maakt familiebedrijven zo succesvol en hoe kunnen ze deze voorsprong nog verder vergroten? 

1: Gediversifieerde Portfolio

Een van de sleutels tot het succes van familiebedrijven is hun vermogen om verder te kijken dan hun kernactiviteiten en -markten. In tegenstelling tot niet-familiebedrijven, hebben zij de vrijheid om te diversifiëren zonder de inspraak van externe aandeelhouders. Waar niet-familiebedrijven soms beperkt worden door de belangen van aandeelhouders, durven familiebedrijven risico’s te nemen die anderen niet aandurven.

Een concreet voorbeeld is een installatie/verwarmingsbedrijf dat investeerde in aangrenzende sectoren. Na verloop van tijd bleek dat 65% van de winst afkomstig was uit deze niet-kernactiviteiten. Dit toonde aan dat de kernactiviteiten als toegangspoort dienden tot een waardevol relatienetwerk, wat weer mogelijkheden bood voor investeringen in andere bedrijven.

Voor familiebedrijven is het essentieel om niet te blijven hangen in te veel focus op de kernmarkten. Ze dienen zich bewust te zijn dat continuïteit gebaat is bij de spreiding van activiteiten.

2: Allocatie van Mensen en Middelen

Flexibiliteit is een sleutelkenmerk van succesvolle familiebedrijven. Ze kunnen snel mensen en middelen verschuiven naar andere kanalen en markten als dat meer perspectief biedt. De korte lijnen binnen deze bedrijven stellen hen in staat om snelle beslissingen te nemen, een voordeel dat niet-familiebedrijven vaak missen. De meest succesvolle familiebedrijven gebruiken hun kapitaal doelgericht en investeren in markten die groei en rendement beloven.

3: Inzetten van Financiële Middelen

Efficiënte allocatie van financiële middelen is een ander sterk punt van familiebedrijven. De leiding zit dichter op de markt, waardoor ze snel beslissingen kunnen nemen over investeringen in groei, talentmanagement, services, klanten, medewerkers en kansen die zich voordoen. Hierdoor weten ze precies waar ze hun middelen het beste kunnen inzetten.

4: Financieel Conservatief

Een opvallend kenmerk van familiebedrijven is hun financiële conservatisme. Ze halen niet alle winst uit het bedrijf en staan niet onder druk van aandeelhouders die streven naar het maximale dividend. Door deze financiële voorzichtigheid zijn ze minder afhankelijk van externe financiers en beschikken ze over de nodige “financiële speelruimte”.

5: Focus op de Lange Termijn

Succesvolle familiebedrijven hebben een duidelijke langetermijnvisie. Ze investeren zorgvuldig in hun reputatie, de kwaliteit van hun organisatie en organisatiecultuur. In tegenstelling tot bedrijven die maandelijks verantwoording afleggen aan aandeelhouders, kunnen familiebedrijven ongehinderd werken aan hun lange termijn doelen.

6: Kansen Benutten door Korte Lijnen

De combinatie van korte interne lijnen en een eenvoudige beslissingsstructuur geeft familiebedrijven de mogelijkheid om strategische allianties en overnames aan te gaan. In aantrekkelijke markten kunnen zij kleinere bedrijven overnemen, wat vaak succesvoller is dan zelf een nieuwe business op te zetten.

In de wereld van het midden- en kleinbedrijf (MKB) hebben familiebedrijven een aantoonbaar grotere kans op succes. Deze conclusie is niet slechts gebaseerd op mijn eigen praktijkervaring, maar wordt ook onderstreept door recent onderzoek van McKinsey. Wat maakt familiebedrijven zo succesvol en hoe kunnen ze deze voorsprong nog verder vergroten? 

Hoe u sneller kunt groeien

Bedrijven die hun aanbod uitbreiden met nieuwe activiteiten, groeien veelal sneller dan bedrijven die zich focussen op bestaande producten of diensten. Onderzoek heeft aangetoond dat bedrijven die voor diversificatie kiezen vaak sneller stijgen in omzet en winst dan bedrijven die zich uitsluitend focussen.

Waarom diversificatie?
Met diversificatie spreidt u uw risico’s over meerdere producten of markten. Als één product minder goed verkoopt, houden andere producten de omzet op peil. Ideaal is diversificatie die gebaseerd is op bestaande competenties. Met diversificatie wordt uw afhankelijkheidsrisico verminderd en worden competenties optimaal benut . Teveel focus maakt een organisatie kwetsbaar.

Voorbeelden:

  • Een grote bloemenexporteur die zich ook richt op internationale events
  • Energiebedrijven, bieden naast gas en elektra ook telecom en beveiligingsdiensten aanbieden.
  • Bedrijven als Amazon verbreden hun aanbod.
  • Facilicom ontwikkelde zich van schoonmaakbedrijf naar beveiliging, bouw & installatie en horeca.

Hoe diversificeren?
De eenvoudigste en snelste manier om te diversificeren is door overnames of joint ventures; hiermee krijg je snel toegang tot nieuwe producten en markten.

De juiste keuzes maken
Een portfolio-analyse helpt bij het identificeren van de aantrekkelijkste producten en markten die aansluiten op jouw competenties.

Nomadisch denken: een motor voor vernieuwing 

Positionering voor de toekomst 

Veel middelgrote- en familiebedrijven heroverwegen hun strategische keuzes als markten veranderen, nieuwe generaties toetreden of vernieuwing urgent wordt. In zulke situaties is een klassieke, lineaire manier van denken vaak onvoldoende, omdat die uitgaat van één richting, één waarheid en één set van aannames. Nomadisch denken biedt dan een alternatief denkkader voor vernieuwing. 

In een familiebedrijf ontstond onenigheid over de toekomstige koers. De vraag draaide om de keuze tussen het voortzetten van het bestaande bedrijfsmodel of het ontwikkelen van een nieuwe strategische focus. Door een nomadische benadering werd het vraagstuk anders benaderd, namelijk als een proces van parallelle ontdekking en ontwikkeling. Het resultaat van deze benadering gaf perspectief voor de toekomst.

De organisatie:

  • Verkende markten en klantsegmenten buiten de traditionele focus;
  • Bouwde nieuwe partnerships in netwerken die eerder niet werden overwogen;
  • Testte nieuwe proposities zonder de bestaande operatie te verstoren.

Daardoor werkte de keuze voor een nieuwe strategische koers minder polariserend en ontstond een richting die zowel vernieuwend als herkenbaar was. 

Wat is nomadisch denken?

Nomadisch denken verwijst naar een beweeglijke en verkennende manier van denken en redeneren, waarin vaste structuren bewust worden losgelaten. Het helpt om vraagstukken niet te zien als een keuze tussen A of B, maar als een dynamisch speelveld waarin meerdere perspectieven naast elkaar kunnen bestaan.

Kenmerkend voor nomadisch denken is dat het:

  • Niet uitgaat van vaste structuren, maar zich steeds opnieuw vormt in relatie tot de context;
  • Beweegt in meerdere richtingen en zoekt naar onverwachte verbindingen en kruisverbanden;
  • Afstand neemt van ingesleten denkpatronen om ruimte te maken voor nieuwe handelingsopties.

Deze manier van denken is bijzonder bruikbaar in situaties waarin traditionele bedrijfsmodellen tekortschieten, bijvoorbeeld doordat zij te sterk leunen op voorspelbaarheid en lineaire logica.

Toepassing in organisatie- en positioneringsvraagstukken

Bij organisatievraagstukken waarin meerdere belangen spelen en perspectieven voortdurend verschuiven, is nomadisch denken een manier om alternatieven te ontwikkelen zonder direct vast te lopen in bestaande kaders. Dit werkt met name goed in organisaties waar innovatie nodig is en waar de dagelijkse realiteit sterk leunt op routines en gevestigde structuren. Effecten van nomadisch denken zijn:

  • Oplossingen ontstaan die niet altijd keurig binnen de functionele indeling passen;
  • Innovatie ontstaat doordat medewerkers loskomen van vertrouwde werkwijzen;
  • Door te denken vanuit experimenteren, worden nieuwe strategische opties zichtbaar.

Een concreet voorbeeld is de ontwikkeling van hybride strategische richtingen, zoals een combinatie van dienstverlening en productexpertise. Waar klassieke modellen vaak kiezen voor de dominantie van óf productgerichtheid óf dienstverlening, laat nomadisch denken zien dat juist de combinatie van producten en hoogwaardige diensten, nieuwe waarde creëert. Organisaties verschuiven daarmee naar een relatie gedreven model waarin resultaat, partnership en continuïteit centraal staan.

Doorbreek vastgezette patronen

Veel middelgrote- en familiebedrijven hebben sterke routines en normen. Deze geven stabiliteit, maar kunnen ook verdere groei en ontwikkeling begrenzen. Een nomadische denkstijl helpt om vertrouwde organisatiestructuren, positionering, markten en producten, kritisch tegen het licht te houden en ruimte te creëren voor scenario’s die niet passen binnen de traditionele bedrijfslijn.

Juist in veranderlijke markten is strategische openheid essentieel, omdat zij organisaties in staat stelt sneller te schakelen zonder hun identiteit te verliezen.

Door observeren naar vernieuwing

Innovatie ontstaat zelden vanuit een losstaand geniaal idee, maar veel vaker vanuit het vermogen om scherp te observeren, trends te herkennen en bestaande elementen op een nieuwe manier te combineren. Organisaties die echte vooruitgang boeken, onderscheiden zich doorgaans niet door het creëren van iets volledig unieks, maar door het signaleren van bewegingen die anderen over het hoofd zien, zowel binnen de eigen sector als daarbuiten.

Een voorbeeld uit de geschiedenis laat dit scherp zien. Toen de Franse bankier Albert Kahn in 1888 Zuid-Afrika bezocht, zag hij iets dat voor velen nog weinig betekenis had: de enorme potentie van de goud- en diamantvoorraden. Deze enkele observatie vormde het startpunt voor een reeks ondernemingen en investeringen die hem tot een van de rijkste Europeanen van zijn tijd maakten. Niet omdat hij iets uitvond, maar omdat hij een ontwikkeling vroegtijdig wist te duiden en om te zetten in actie.

Een vergelijkbare dynamiek zien we bij Pieter van der Does en Arnout Schuijff, de oprichters van Adyen. Hun inzicht ontstond niet vanuit abstracte innovatie-ambities, maar vanuit jarenlange ervaring bij Bibit, een Nederlandse betaaldienstverlener. Zij zagen van dichtbij hoe gefragmenteerd en technologisch verouderd het internationale betaallandschap was.

Hun conclusie was helder:

  • de markt had geen nieuw lapmiddel nodig, maar een volledig herontworpen infrastructuur;
  • bestaande systemen belemmerden schaalbaarheid en internationale groei;
  • een geïntegreerd platform kon zowel de technische als operationele complexiteit doorbreken.

In 2006 kozen zij daarom voor een radicale stap: opnieuw beginnen, met moderne technologie en één wereldwijd platform. Niet toevallig betekent Adyen in het Surinaams “opnieuw beginnen”. Deze strategische herinterpretatie van een bestaand probleem maakte hen tot een succesvol Nederlands technologiebedrijf.

Ook in de cultuur- en kunsttheorie wordt deze gedachte breed ondersteund. Grote denkers als Roland Barthes, Michel Foucault en Rosalind Krauss benadrukten dat originaliteit vaak een constructie is.
Zij stelden dat:

  • elke vorm van creatie vindt plaats binnen bestaande stijlen, discoursen en culturele patronen;
  • kunstenaars en vernieuwers bouwen altijd voort op wat al aanwezig is;
  • zelfs de avant-garde elementen uit eerdere periodes worden hergebruikt en transformeert.

De kern is dat vernieuwing voortkomt uit herinterpretatie, niet uit het creëren van iets dat volledig losstaat van het verleden. Het sluit aan bij een inzicht van professor Kuhlmeijer, de eerste hoogleraar marketing in Nederland. Hij benadrukte dat organisaties vooral buiten de eigen sector moeten kijken, omdat binnen de branche de oplossingen meestal voorspelbaar zijn. Door de blik te verruimen ontstaan vaak patronen, kansen en ideeën die in de eigen omgeving onzichtbaar blijven.

Conclusie
Wie vernieuwt, doet dat zelden door iets compleet nieuws te bedenken, maar door op een andere manier naar het bestaande te kijken. Innovatie begint bij observatie, bij het herkennen van signalen die anderen missen, en bij het vermogen om bekende elementen op een nieuwe manier te verbinden. Juist daar ligt het fundament voor duurzame strategische vernieuwing.

De verkoop van uw MKB-bedrijf, jagers en prooien 

Veel MKB-ondernemers naderen de kritische leeftijd waarop ze gaan nadenken over de verkoop van hun bedrijf. Dit markeert het begin van een complex proces waar fusie & overname specialisten snel op inspringen en de ondernemers een aantrekkelijke prooi zijn. 

Het dilemma
Veel MKB ondernemers zijn vaak ‘doeners’, ze zijn goed in hun vak, maar minder bedreven in financiële, juridische en strategische zaken. Ze hebben weinig kennis en ervaring over hoe ze zo’n verkoopproces moeten aanpakken. Wat is de waarde van het bedrijf? Wie is de juiste koper? Wie is de juiste adviseur? En hoe verlopen de onderhandelingen? 

Wie zijn huis verkoopt, kan de waarde inschatten door te kijken naar verkoopprijzen in de buurt. Maar wanneer een ondernemer zijn bedrijf wil verkopen, komt hij op onbekend terrein. Het bepalen van de waarde is veel complexer, en het inschakelen van deskundige ondersteuning is dan ook essentieel. Dit leidt vaak tot het inschakelen van een accountant, bank of M&A specialist. Dit lijkt logisch maar kan ook risicovol zijn. Ik zal dit aan de hand van twee situaties aantonen.

Waardebepaling bij Aandeelhoudersoverdracht
Vorig jaar wilde een directeur die voor zijn pensioen stond zijn aandelen aan zijn jongere compagnon/algemeen directeur verkopen. Ze schakelden een accountant in voor de waardebepaling van het bedrijf. De accountant koos voor de discounted cashflow-methode, waarbij een aantal variabelen in een spreadsheet werden ingevoerd om de ‘waarde’ van het bedrijf te berekenen. Maar hoe betrouwbaar is deze waardebepaling als er sprake is van twee aandeelhouders met tegengestelde belangen? De verkoper wilde een faire maar goede prijs, terwijl de koper juist op een lage prijs rekende.

Dit is een klassiek voorbeeld van een situatie waarin de belangen van de partijen niet goed op elkaar zijn afgestemd. De fiduciaire plicht van de accountant is om in het belang van zijn cliënt te handelen, maar hoe balanceer je de belangen van twee aandeelhouders. Het resultaat was een waardebepaling die mogelijk niet de werkelijke waarde van het bedrijf weerspiegelde. Dit maakt duidelijk hoe belangrijk het is om de juiste adviseur te kiezen. 

Verschil tussen Waarde en Verkoopprijs
Dit jaar ontstond een vergelijkbaar probleem toen twee compagnons hun bedrijf wilden waarderen voor het geval een van beiden zou willen verkopen. Twee accountants stelden samen een discounted cashflow waarderingsformule op, waarin de waarde werd berekend als een combinatie van het eigen vermogen en vier keer de gemiddelde brutowinst over een bepaalde periode, zowel in het verleden als de toekomst.

Toen een van de compagnons zijn aandelen wilde verkopen, ontstond er echter onenigheid over de prijs. De koper bood drie keer de gemiddelde brutowinst over de laatste drie jaar. De verkoper en zijn adviseur drongen aan op een hogere prijs en verwezen naar de eerder gemaakte waardering. De koper stelde echter dat de uiteindelijke verkoopprijs niet altijd overeenkomt met de ‘fictieve’ waarde die de accountants hadden berekend. In zijn ogen wordt de verkoopprijs bepaald door vraag en aanbod, aangevuld met onderhandelingen. De werkelijke waarde van een bedrijf is de prijs die een koper bereid is te betalen, en die wordt vaak pas bereikt via intensieve onderhandelingen. Een waardebepaling door een accountant of M&A-adviseur is een nuttig startpunt, maar de werkelijke prijs komt vaak pas tot stand na stevige onderhandelingen.

De tussenpersoon: trusted advisor
Om niet volledig afhankelijk te zijn van de visie van accountants, M&A-adviseurs of banken, is het verstandig dat de ondernemer wordt begeleid door iemand die geen belang heeft bij een dikke succesfee, maar die belangeloos de regie over het proces kan houden. Een commissaris of een trusted advisor kan dan van grote waarde zijn. Deze onafhankelijke vertrouwenspersoon kan de externe adviseurs aansturen en de ondernemer ondersteunen tijdens het gehele verkoopproces en ervoor zorgen dat de beste prijs wordt gerealiseerd.

Groeistrategie: lessen van New York Pizza

Philip Vorst, voormalig CEO en medeoprichter van New York Pizza vertelde onlangs over de geschiedenis van zijn bedrijf. Zijn verhaal illustreert hoe een duidelijke visie en diversificatie het fundament kunnen vormen voor blijvend succes. New York Pizza heeft in zijn bestaan de nodige ups en downs doorgemaakt, maar wist steeds door innovatie en slim ondernemerschap te floreren. Hieruit zijn enkele waardevolle inzichten te distilleren.

  • Allereerst benadrukte Vorst het belang van een solide netwerk. Wanneer de zaken minder gunstig verlopen, kan een betrouwbaar netwerk niet alleen steun bieden, maar ook bijdragen met frisse ideeën voor nieuwe groeikansen.

New York Pizza zelf heeft in de loop der jaren diverse transformaties ondergaan:

  • Van pizzeria naar bezorgdienst: Door vroeg in te zetten op bezorging, speelde het bedrijf in op veranderende consumentbehoeften;  
  • Introductie van Euro Pizza Products: Met de oprichting van een eigen groothandel en productiefaciliteit voor ingrediënten zette New York Pizza een gedurfde stap in de waardeketen. Euro Pizza Products leverde niet alleen aan de eigen filialen, maar ook aan andere pizzeria’s, waarmee een nieuwe markt werd aangeboord.
  • Implementatie van een franchiseformule: Deze stap maakte een versnelde groei mogelijk en vergrootte de schaalbaarheid van het bedrijf aanzienlijk.  

Uiteindelijk resulteerde deze strategie in de verkoop van 75% van de aandelen, inclusief Euro Pizza Products. 

Familiebedrijven willen groeien: leer van private equity

Veel familiebedrijven dromen van groei, terwijl Private Equity bedrijven hier al decennia succesvol in zijn. Zoals bijvoorbeeld Waterland, een organisatie die sinds 1999 1100 overnames heeft voltooid en met een portfolio van 85 bedrijven een omzet van €21 miljard realiseert.

Het succes van private equity is gebaseerd op het selecteren van groeisectoren waarbinnen een buy and build strategie gevoerd kan worden. Hiermee realiseren zij een sterke groei, een hoog rendement, goede risicospreiding en synergie. 

Bij familiebedrijven en middelgrote ondernemingen zien we ook dat er gefuseerd en overgenomen wordt, maar meestal gaat dat in smal afgebakende sectoren en worden concurrenten overgenomen of is er sprake van voorwaartse of achterwaartse integratie. Het zijn vaak niet de groeisectoren waarin de overnames plaatsvinden en er is dan minder sprake van risicospreiding. 

Een knelpunt bij veel familiebedrijven is dat zij hun business te smal definiëren. Hoe smaller deze wordt gedefinieerd, hoe groter is de focus. Dit heeft voordelen, maar maakt een onderneming ook kwetsbaar en beperkt de groeimogelijkheden als er veel concurrentie is. Diversificatie (nieuwe producten en/of andere groeimarkten), waarbij uitgegaan wordt van de competenties van de organisatie, is voor deze bedrijven een methode om substantiële groei te realiseren en risico te spreiden.

Voor veel bedrijven kan het geen kwaad om hun bestaande business eens tegen het licht te houden. Kijk eens vanuit het perspectief van een private equity bedrijf naar uw eigen business. Mogelijk worden nieuwe kansen dan zichtbaar.